juryrapport schrijfwedstrijd PCGH

Thema: “Bewegen doet me wat”

Georganiseerd door PCGH i.s.m. GHZ en Sport.Gouda.

De wedstrijd

De opdracht van de schrijfwedstrijd was een ervaringsverhaal te schrijven over het thema ‘Bewegen doet me wat!’ Welke haken en ogen kom je tegen bij bewegen met jouw aandoening/beperking? Hoe ben je daarmee omgegaan en waarom ben je toch aan het bewegen gegaan? Wat hield je aanvankelijk tegen? Hoe draagt bewegen bij aan jouw kwaliteit van leven? Inzenden was mogelijk van 1 oktober 2017 tot en met 15 januari 2018.

De jury bestond uit Hanneke Leroux, werkzaam in het Groene Hart Ziekenhuis en tevens Gouds stadsdichter in 2017, Joop Hazenbroek van SPORT.GOUDA en ervaringsdeskundigen Yvonne Balvers (Reumavereniging Gouda e.o.) en Agnes Spuij (MS vereniging Zuid-Holland Oost). De laatste twee vertegenwoordigden de deelnemende patiëntenorganisaties van het PCGH. Zij kozen drie prijswinnaars die op 22 februari, tijdens het symposium te horen kregen wie 1e, 2e en 3e is geworden.

In onderstaande staan citaten van inzendingen met initialen en aandoening van de schrijver.

De drie prijswinnende verhalen worden gepubliceerd op de site van het PCGH en staan tevens ter beschikking van de deelnemende organisatie die vrij zijn de verhalen ook op hun site te publiceren.  Ook andere inzenders met publicabele verhalen zijn gevraagd of hun verhalen op deze site mogen worden gepubliceerd.

 “Ik zou een verhaal van 100000 miljoen letters kunnen schrijven (JG, MS).

De ingeleverde verhalen

De 17 ingeleverde verhalen voldeden aan de opdracht. Stuk voor stuk zijn de verhalen persoonlijke ervaringen van de schrijvers, allen mensen met een aandoening. Genoemd werden, in willekeurige volgorde:  artrose, persoonlijkheidsstoornis, bipolaire stoornis, MS, PLS, subarachnoïdale bloeding, amputatie, niet aangeboren hersenletsel, diabetes, artritis psoriatica, hartritmestoornissen, fibromyalgie, astma, slechthorendheid Anorexia Nervosa en posttraumatische dystrofie. Sommige aandoeningen kwamen in combinatie voor. Ondanks dat al deze verschillende aandoeningen zorgen voor verschillende symptomen en effecten op het dagelijks leven, vielen vooral de overeenkomsten op rond het bewegen.  Het zoeken van je grenzen, het doorzetten, loopt als rode draad door de verhalen heen en blijkt ziekteoverstijgend.

Want wat is dat bewegen eigenlijk? Voor iemand met een aandoening hoeft dan niet meteen gedacht te worden aan sporten. De gewone alledaagse bewegingen zijn soms al een hele opgave.

Vorige week kon ik mijn rechtervoet een klein stukje van de grond tillen, wat me helemaal eufoor maakte, dus ik ga door tot het gaatje.  (RW, MS en subarachnoïdale bloeding)

“Intensief bewegen is natuurlijk ook heel betrekkelijk. Voor iemand die gewend is om marathons te lopen is een blokje om rennen peanuts. Een rondje supermarkt voor de wekelijkse boodschappen voelt voor mij als een halve marathon, waarvan ik de rest van de dag moet herstellen. Toch wordt het ‘peanutsrondje’ van de marathonloper over het algemeen meer als intensief bewegen gezien dan mijn ‘supermarktmarathon’. (…) Weet u hoeveel inspanning het kost om ’s morgens met een reumalijf uit het bed te komen? Of hoe inspannend het is om een reumalijf in de kleren te krijgen, of om schoenen aan te trekken?”  (AS, artritis psoriatica)

 “Als chronisch zieke beweeg je altijd. Je bent altijd bezig met je ziekte, wat je nog kan aanpassen, waar je op moet letten, wanneer je je ogen een keertje ergens voor dichtknijpt, jezelf dwingen om wat te gaan doen omdat je weet dat je je daarna beter voelt. Bewegen om niet verslagen te worden door je ziekte.”(CN, diabetes)

 Uit alle verhalen blijkt hoe belangrijk het is om te blijven bewegen als je een aandoening hebt. Toch gewoon je bed uit en meedoen. En bewegen, in de vorm van zelf de boodschappen doen, fysiotherapie, wandelen of een sport beoefenen is geen vanzelfsprekendheid meer als je een aandoening hebt. Het maakt dan ook niet uit welke aandoening je hebt, en of die aandoening in het lijf of in het hoofd zit.

Bewegen geeft een bijzonder goed gevoel. Ik zie veel op de fiets. Mijn hoofd loopt vol mooie indrukken van de natuur. Negatieve emoties krijgen geen ruimte meer.(MK, bipolaire stoornis)

 Van sporten kreeg ik meer energie en voelde me een stuk vrolijker. Mijn kwaliteit van leven is door bewegen enorm verbeterd. Ik ben mentaal en fysiek een stuk sterker en in gewicht een stuk lichter worden. Soms schiet me te binnen, o ja was ik vergeten, ik heb MS….(EvO, MS).

Ik weet dat mijn aandoening chronisch is en ik hoop dat ik de gevolgen van mijn aandoening op deze manier zoveel mogelijk kan beperken. Daarnaast doet bewegen zeker iets met mij, heb hierdoor ook minder last van de fibromyalgie! Het voelt goed….. zolang ik mijn grenzen maar weet! ( TB, hartritmestoornissen en fibromyalgie)

De ervaring dat beweging opeens niet meer vanzelfsprekend is leidt ertoe dat het nog kunnen bewegen (met beperkingen) extra waarde krijgt in de beleving van de schrijver.

…Wandelen in de natuur, het is goed voor een mens. Het houdt ons jong van geest en ledematen. Ik kan het iedereen aanraden maar ik weet ook dat er veel meer mensen zijn zoals ik voor wie buitenlucht niet altijd vanzelfsprekend is (RvA. persoonlijkheidsstoornis en bipolaire stoornis)

Niet kunnen bewegen heb ik heel vroeg in mijn leven ervaren, dus bewegen doet me wat!. (HdW, artrose)

Het is me in het afgelopen jaar opgevallen hoe verschillend mensen lopen. Lopen was iets vanzelfsprekends. Daar denkt een normaal mens niet over (AM, PLS)

Een aandoening betekent veel voor hoe je leeft. Er komt pijn, vermoeidheid, een heel proces met medicatie, therapie en tegenslagen bij kijken waarover door sommige schrijvers word verteld. Maar alle schrijvers laten zien hoe bewegen dan een positieve invloed kan hebben. Om met bewegen te beginnen is wel moed nodig.

Ik weiger het om me te laten verslaan door mijn ziekte. Dit betekent voor mij dat ik iets niet doe omdat ik me rot voel door bijvoorbeeld een vervelende bloedsuiker. Ik accepteer het, pas aan waar nodig, probeer het opnieuw, en opnieuw , en opnieuw en ik ga door. Ik heb geen zin om mijn leven te leiden met angst voor een hoge of lage bloedsuiker  (…)  Ik heb diabetes en diabetes heeft mij niet. Sporten zorgt er voor mij voor dat ik diabetes onder de duim blijf houden. (CN, diabetes)

Ik wil niet, mijn lichaam wil niet, maar we beginnen. In de maat van de muziek beweeg ik mijn armen en benen zoals de instructrice voordoet. Zou ze aan mijn gezicht en mijn houding kunnen zien dat alles pijn doet en dat ik er geen zin in heb ?  (…)   Na een half uur is de ergste pijn verdwenen. We gaan verder met de rest van het programma. Ik voel me fitter dan een uur geleden. Alles spanningen, alle pijnen en alle vermoeidheid verdwijnen langzaam uit mijn lichaam.(JvT, fibromyalgie)

Soms worden er dan grenzen overschreden, wordt er meer bewogen dat goed is voor je. En dat kan grote gevolgen hebben als je een aandoening hebt. Daar kun je voor kiezen, maar soms ga je ook echt te ver.

De finish op vrijdag. Gladiolen, vreugde, nul blaren, wel spierpijn. Ik ben trots en dolgelukkig dat het voor de tweede keer is gelukt. Dat ik morgen als een bejaarde door het huis schuifel, maakt niet uit. Het tweede kruisje is binnen, en daarmee ook ruim zevenhonderd euro sponsorgeld voor het Longfonds. Voor het eerst heb ik het gevoel dat ik iets positiefs kan doen met mijn astma. (KvW, astma, slechthorend)

Bewegen, sporten en actief zijn maakt mij vrijer, maakt mij vrolijk en zorgt ervoor dat ik mijn gedachtes een beetje los kan laten. Wel vind ik grenzen aangeven erg moeilijk! (JB, Anorexia Nervosa, moeder met Posttraumatische dystrofie).

Zonder uitzondering klinken in de ingeleverde verhalen de moed en het doorzettingsvermogen van de schrijvers door. Bewegen gaat bij een chronische aandoening niet vanzelf. Het vergt inzet en bij sommige aandoeningen ook heel wat geregel.

Voordat ik ga sporten controleer ik mijn bloed glucose. Deze moet voor mij onder de 10 mmol zijn want als ik te hoog zit dan wil deze niet echt meer zakken ook niet bij een sport zoals tennis. Ik kies er dus voor om zonodig wat bij te spuiten voor ik ga tennissen en dan met sportdrank mijzelf op peil te houden.TdJ, diabetes)

Aan de ene kant wordt heel duidelijk dat bewegen bij een aandoening een noodzaak is. Niet leuk misschien, zeker in het begin, iets dat ‘moet’. Maar uit de verhalen blijkt ook dat sporten uiteindelijk ook leuk wordt, voldoening geeft, meer energie en gewoon plezier brengt.

Dat bewegen is niet meer moeten het mag gewoon en daardoor zo leuk. De trap is geen rood hoofd meer maar een uitdaging. (JdM, diabetes)

 ..ik ben verslaafd geraakt aan het zitskiën en ga ieder jaar (…) naar de sneeuw. Het maakt voor mijn ski-beleving niet uit of ik nu staand of zittend de berg afga. Tenslotte gaat het er niet om hoe je het doet, als je het maar doet. Ik geniet nu extra omdat ik me realiseer hoe speciaal het is en ik ben ook veel bewuster aan het bewegen en genieten. (CD, Geamputeerd been en niet aangeboren hersenletsel)

 Schrijfstijl

 De kwaliteit van de essays was wat betreft schrijfstijl en soepelheid wisselend. Wat niets afdoet aan de inhoud van het beschrevene. Omdat het hier echter een schrijfwedstrijd betreft heeft de jury de schrijfstijl zeker laten meewegen bij de keuze voor de uiteindelijke prijswinnaar. Alledrie de winnende verhalen zijn echt verhalen die je bijblijven.

Beoordeling winnende stuk

De jury heeft gekozen voor het essay Vogels in de Herfst van Arnout Menkveld uit Gouda. Hij heeft PLS. De jury vond het volgende: “pakkende titel, mooi leesbaar en schoonheid van woorden. Echt een verhaal, het contrast tussen bewegen en niet goed kunnen bewegen komt mooi tot uitdrukking. Het is heel goed geschreven. De dames in het park als kapstok voor het verhaal werkt heel mooi.”

Nummer 2 werd Ronald van Assen uit  Bodegraven. Hij heeft een persoonlijkheidsstoornis en bipolaire stoornis. De jury zegt over zijn verhaal “Als buitenlucht niet altijd vanzelfsprekend is…”  “greep echt aan, ontroerend verhaal. Bij dit ziektebeeld had de jury niet direct aan bewegen gedacht en dit is echt een eye opener. Bewegen heeft de schrijver over een drempel geholpen, hij beschrijft dat goed en snijdt zo op een mooie manier ook een lastig stigma aan.

Nummer 3 werd Jet van Tiel uit Gouderak. Zij heeft fibromyalgie. “Mooi die contante strijd tegen geen zin, maar wel goed voor mijn lijf. Wel willen maar niet kunnen. Het is vlot geschreven, origineel. De uitgebreide beschrijving van wat er in die gymzaal gebeurt is als een soort kapstok voor wat een aandoening in de praktijk betekent. Iets kleins, alledaags beschrijven en zo weergeven wat het breder betekent.”

Ten slotte

De jury dankt alle inzenders voor de genomen tijd en moeite. De jury werd geraakt door de positieve toon van de ingezonden stukken, de volharding die uit de essays sprak om toch te blijven bewegen en oefenen, ondanks pijn en vermoeidheid, maar dankzij plezier en resultaat, om zo iets leuks van het leven te (kunnen blijven) maken.

YB

Samen sterker